Tanja

Tanja, wast iedere week
haar wasgoed uit in de kreek
En aan de overkant zit een jongen
met in zijn hand, een banjo
en hij speelt voor haar

Tanja, jij hoort hem niet
Hij zingt en speelt voor jou zijn lied
En in de bleke najaarszon
verdroogt zijn laatste liefdesbron
O Tanja, wat doe je toch

De hele zomer is verstreken
en steeds flauwer werd zijn hoed
Zelfs niet eenmaal heeft zij gekeken
Zijn vlam ging uit, hij was gedoofd

Maar toen, op zo’n herfstdag
Tanja knielde bij haar was
Gleed zij uit, slaakte een kreet
De banjo stopte en toen hij keek
Zag hij Tanja verdrinken in de kreek

Wat moest hij doen
Hij kon niet zwemmen
Hij moest haar redden, maar hoe
Haar handen kon hij net niet grijpen
Toen stak hij haar zijn banjo toe
Die zij greep

Tanja wast nu iedere week
haar wasgoed uit in de kreek
Maar naast haar zit haar man
met heel waakzaam in zijn hand
de banjo, omdat hij niet zwemmen kan
Tanja

Tekst: Dimitri Van Toren, Jaap Goedel
Muziek: Dimitri Van Toren, Jaap Goedel
Single van de Lettersets
Ingezonden door Eric Molenberghs

A

B

C

D

E

F

G

H

I

J

K

L

M

N

O

P

R

S

T

U

V

W

Y

Z